Met een ferme aanloop

Door: Jochum Douwenga, in: Het verhaal achter het dropje

In 1940 spijbelde ik wel eens om dwars door de weilanden naar Grou te trekken. Bij de warme bakker aldaar zeurde ik dan om een duimke of een reepkoek. Ik moest dan wel 11 slootjes overspringen, en ook weer terug. Daarom nam ik de oude polsstok van m'n pake mee. Op een dag zette ik 'm met een ferme aanloop in een brede sloot, maar de stok brak en ik belandde met een plons in het water. Onder het kroos en met een pompeblêd op m'n kop kon ik gaan uitleggen waarom ik niet op school was. Denkend aan die weidse natuur maakte ik de Pompeblêdjes. Biologisch, dus je proeft de pure smaak zoals de natuur die bedoeld heeft.